Procedurebeschrijving vrijstelling PE
Tolken en vertalers die in het Register beëdigde tolken en vertalers (hierna: het Rbtv) staan ingeschreven
of op de Uitwijklijst zijn geplaatst zijn verplicht zich permanent bij te scholen (hierna: de PE-verplichting).
De PE-verplichting is uitgewerkt in het Besluit Permanente Educatie Wbtv (hierna: het besluit PE) en houdt
in dat een tolk of vertaler die in het Rbtv staat ingeschreven per periode van inschrijving van vijf jaar moet
aantonen gedurende die vijf jaar tenminste 80 PE-punten te hebben behaald. De tolk of vertaler die op de
Uitwijklijst is geplaatst moet per periode van plaatsing van drie jaar aantonen dat hij of zij gedurende die
drie jaar tenminste 48 PE-punten heeft behaald en een tolk of vertaler die vóór 1 januari 2010 op de Uitwijklijst
is geplaatst moet per periode van plaatsing van drie jaar aantonen dat hij of zij gedurende die drie jaar ten
minste 32 PE-punten heeft behaald. Van de genoemde 80, 48 en 32 PE-punten moet de helft betrekking hebben op
de categorieën a tot en met d, de vakinhoudelijke categorieën, van artikel 11 van het besluit PE.
Het niet voldoen aan de PE-verplichting leidt ertoe dat de inschrijving in het Rbtv of de plaatsing op de
Uitwijklijst niet wordt verlengd. Met het Rbtv wordt namelijk, gelet op de belangen die spelen bij de
werkzaamheden als tolk of vertaler, een bepaald kwaliteitsniveau gegarandeerd. Dat geldt ook voor de Uitwijklijst.
Het bijscholen wordt als een belangrijk middel gezien om dat kwaliteitsniveau op peil te houden en uit te
breiden. Door het bijscholen kan het beroep van tolk of vertaler met andere woorden op verantwoorde wijze
uitgeoefend blijven worden.
Het kan echter zo zijn dat een tolk of vertaler niet in staat is aan zijn of haar PE-verplichting te
voldoen. In artikel 18 van het Besluit PE is neergelegd dat een tolk of vertaler dan om vrijstelling kan vragen.
In deze procedurebeschrijving is neergelegd op welke wijze een verzoek tot vrijstelling kan worden ingediend
en onder welke voorwaarden een dergelijk verzoek kan worden ingewilligd.
Wanneer kan er vrijstelling worden verleend?
Bij de beoordeling of een tolk of vertaler in aanmerking komt voor vrijstelling wordt een restrictief beleid
gevoerd. Uitgangspunt is immers dat van de tolk of vertaler, zolang hij of zij als zodanig optreedt en gelet op
het belang dat is gelegen in een kwalitatief goede beroepsuitoefening, mag worden verwacht dat hij of zij zijn
of haar kennis en vaardigheden op peil houdt en uitbreidt.
Slechts onder bijzondere omstandigheden wordt dan ook vrijstelling verleend. Het gaat dan om buiten het vermogen
van de tolk of vertaler liggende, bijzondere omstandigheden. Die omstandigheden zijn in beginsel slechts te vinden
in arbeidsongeschiktheid of langdurige ziekte.
Arbeidsongeschiktheid of langdurige ziekte kan dus aanleiding vormen voor het verlenen van vrijstelling.
Daarbij geldt de mate waarin een tolk of vertaler arbeidsongeschikt of langdurig ziek is als uitgangspunt.
Als voorbeeld: een tolk of vertaler die in het Rbtv is ingeschreven is 75% arbeidsongeschikt of langdurig
ziek. Die tolk of vertaler wordt dan voor 75% van de voor hem of haar geldende PE-verplichting vrijgesteld.
Dat betekent dat de tolk of vertaler over een periode van inschrijving van vijf jaar moet aantonen dat hij
of zij gedurende die vijf jaar tenminste 20 PE-punten heeft behaald (dat is 75% van de 80 PE-punten die moet
worden behaald zonder vrijstelling).
Arbeidsongeschiktheid of langdurige ziekte moet worden aangetoond door middel van een verklaring van
een behandelend specialist (dus niet van een huisarts), een verklaring van het UWV of een verklaring van
een arbeidsongeschiktheidverzekeraar. Daaruit moet de aard, de mate en de duur van arbeidsongeschiktheid
of langdurige ziekte blijken.
Wanneer wordt geen vrijstelling verleend?
Als bijzondere omstandigheden worden niet aangemerkt:
- de (hoge) leeftijd van de tolk of vertaler;
- het hebben afgerond van een tolk- of vertaalopleiding;
- het aantal jaren werkervaring als tolk of vertaler;
- de zogenaamde schaarsheid van een taal;
- de mate waarin wordt getolkt of vertaald;
- tijdelijke ziekte of zeer beperkte arbeidsongeschiktheid;
- het nemen van een sabbatical of enige andere vorm van verlof;
- een zwangerschap;
- financiële omstandigheden van de tolk of vertaler
Voor al deze omstandigheden geldt dat geen sprake is van buiten het vermogen van de tolk of vertaler
liggende, bijzondere omstandigheden. Daarbij speelt een rol dat het aanbod van scholingsactiviteiten
waarvoor punten kunnen worden toegekend enorm is, een groot aantal daarvan geen fysieke aanwezigheid dan
wel een grote inspanning vereist en het aantal PE-punten dat moet worden behaald in verhouding tot de
periode van inschrijving of plaatsing beperkt is.
Er wordt voorts geen onderscheid gemaakt naar de talencombinatie, vertaalrichting of specialisatie
waarvoor een tolk of vertaler in het Rbtv is ingeschreven of op de Uitwijklijst is geplaatst. Dit betekent
bijvoorbeeld dat aan een tolk en vertaler die is ingeschreven in het Rbtv als tolk Nederlands <=> Engels
en is geplaatst op de Uitwijklijst als vertaler Nederlands -> Spaans, in verband met bijvoorbeeld een
cursus taalvaardigheid Frans PE-punten kunnen worden toegekend (mits aan alle overige voorwaarden wordt voldaan).
Die punten kunnen dan voor alle inschrijvingen en plaatsingen meetellen, mits ze binnen de periode
van inschrijving of plaatsing zijn behaald. Hierdoor heeft een tolk of vertaler veel vrijheid in de
keuze van scholingsactiviteiten en leiden eventuele meerdere inschrijvingen in het Rbtv en plaatsingen
op de Uitwijklijst niet tot het verveelvoudigen van het minimaal te behalen aantal PE-punten. Er worden
ook -en eigenlijk met name- PE-punten toegekend aan scholingsactiviteiten die geen betrekking hebben op
taalonderwijs. In verband met de meest uiteenlopende scholingsactiviteiten kunnen PE-punten aan de tolk
of vertaler worden toegekend.
Het beleid omtrent de PE-verplichting is dan ook zo ingericht dat ook een tolk of vertaler die een
bijvoorbeeld in een schaarse taal tolkt of vertaalt, PE-punten kan behalen. Een sabbatical en een
zwangerschap zijn voorts te voorzien. Dat wil zeggen dat het omstandigheden zijn die binnen het vermogen
van de tolk of vertaler liggen. Bovendien gaat het om tijdelijke omstandigheden. Aan de PE-verplichting
moet gedurende een periode van inschrijving van vijf jaar en van plaatsing van drie jaar worden voldaan.
Bij het nemen van een sabbitical of bij een zwangerschap is voldoende tijd zijn om ondanks de sabbatical
of de zwangerschap binnen de resterende periode van inschrijving of plaatsing alsnog aan de PE-verplichting
te voldoen. Dat geldt overigens ook voor tijdelijke ziekte, bijvoorbeeld als gevolg van een beenbreuk.
Sprake is van het tijdelijk, maar niet blijvend niet in staat zijn om aan de PE-verplichting te voldoen.
Daarnaast geldt dat alle hier genoemde omstandigheden niet maken dat er geen noodzaak bestaat tot het
bijscholen om de deskundigheid op peil te houden en het beroep op verantwoorde wijze uit te oefenen. Door
bijvoorbeeld hoge leeftijd kost het bijscholen wellicht meer moeite en tijd maar, zoals gezegd, hoeft
de bijscholingsverplichting niet veel moeite en tijd te kosten. De moeite en tijd die het wel vergt mag
van de tolk of vertaler worden verlangd. Dat geldt overigens ook voor de kosten die gemaakt moeten worden
om aan de PE-verplichting te voldoen.
Voor alle genoemde omstandigheden geldt tot slot dat ervoor is gekozen als tolk of vertaler actief te
blijven. Daar horen de verplichtingen bij die voortvloeien uit de Wet beëdigde tolken en vertalers.
Wie kan een verzoek tot vrijstelling indienen?
Alleen een tolk of vertaler die in het Rbtv is ingeschreven of op de Uitwijklijst is geplaatst, kan
een verzoek tot vrijstelling indienen.
Wanneer kan er een verzoek tot het toekennen van PE-punten worden ingediend?
Een verzoek tot vrijstelling kan op elk moment worden ingediend. De eventuele vrijstelling kan echter
op maar één periode van inschrijving of plaatsing betrekking hebben. Dat wil zeggen dat er geen vrijstelling
wordt verleend voor een volgende periode van inschrijving of plaatsing.
Als bijvoorbeeld in de eerste periode van vijf jaar inschrijving in het Rbtv of drie jaar plaatsing op
de Uitwijklijst vrijstelling wordt verleend, wordt bij een verlenging van die periode van inschrijving of
plaatsing, dus bij een tweede periode van inschrijving of plaatsing, geen vrijstelling meer verleend.
Zoals gezegd wordt met het Rbtv en de Uitwijklijst een bepaald kwaliteitsniveau gegarandeerd. Dat niveau
kan niet meer worden gegarandeerd als de tolk of vertaler zich niet bijschoolt. Voor een tolk of vertaler
aan wie vrijstelling is verleend geldt dat hij of zij niet in staat is om zich bij te scholen en aan hem
of haar om die reden dan ook vrijstelling is verleend. Echter, ten aanzien van een dergelijke tolk of
vertaler kan de kwaliteit van de beroepsuitoefening evenmin worden gegarandeerd. Om die reden kan worden
beargumenteerd dat inschrijving in het Rbtv of plaatsing niet meer voor de hand ligt, althans niet nadat
van een aanzienlijke periode van inschrijving of plaatsing sprake is geweest, zonder dat enige bijscholing
heeft plaatsgevonden.
Als voorbeeld: een tolk is voor de talencombinatie Nederlands <-> Turks in het Rbtv ingeschreven vanaf
1 januari 2009. Aan hem of haar is tijdens de periode van inschrijving van vijf jaar vrijstelling verleend
voor 100% van de PE-verplichting van 80 PE-punten. Er vanuit gaande dat de tolk voldoet aan de overige
voorwaarden voor verlenging van de inschrijving wordt de tolk ingeschreven voor een tweede periode van
inschrijving in het Rbtv. Die periode loopt dan van 1 januari 2014 tot 1 januari 2019. Voor die periode
komt de tolk echter niet in aanmerking voor vrijstelling. Dat betekent dat de tolk bij een verzoek tot
verlenging van de tweede periode van inschrijving moet aantonen aan zijn of haar PE-verplichting te
hebben voldaan. Voor zover de tolk dat niet kan aantonen, wordt hij of zij niet nogmaals voor een (derde)
periode van vijf jaar in het Rbtv ingeschreven.
Een vrijstelling wordt dus slechts eenmalig verleend.
Hoe moet een verzoek tot vrijstelling worden ingediend?
Een verzoek tot vrijstelling moet schriftelijk worden ingediend. Bij het verzoek moeten stukken worden
overgelegd, waaruit volgt dat sprake is van buiten het vermogen van de tolk of vertaler liggende, bijzondere
omstandigheden die maken dat hij of zij niet in staat kan worden geacht aan zijn of haar PE-verplichting te
voldoen. In beginsel is dat, zoals gezegd, slechts het geval bij arbeidsongeschiktheid of langdurige ziekte.
Dat moet worden aangetoond door middel van een verklaring van een behandelend specialist (dus niet van een
huisarts), een verklaring van het UWV of een verklaring van een arbeidsongeschiktheidverzekeraar.
Op een verzoek tot vrijstelling wordt binnen acht weken een besluit genomen.
Voor zover vrijstelling wordt verleend wordt in het besluit aangegeven in welke mate vrijstelling wordt verleend en voor welke periode de vrijstelling geldt.